De bijl erin

Grote, complexe reorganisaties. Ze zorgen voor veel stress bij personeel, en ook bij de ondernemingsraad. Want die moet vaak snel advies uitbrengen. Hoe zorg je ervoor dat je toch grip op de zaak houdt?

In 1950 werd de Wet op de ondernemingsraden ingesteld, een van de manieren om werknemers en werkgevers zo vreedzaam mogelijk met elkaar te laten samenwerken. Maar wat als or en bestuurder fundamenteel ruzie krijgen? In de traditie van het overlegmodel stel je dan een commissie in die het brandje kan blussen voordat dat echt uitslaat. De bedrijfscommissie; voor elke bedrijfstak, hoe klein ook, één.

De bedrijfscommissies hebben twee hoofdtaken: bemiddeling en het bevorderen van de medezeggenschap door het geven van voorlichting. Per jaar worden zo’n 100 zaken behandeld, inclusief 20 bij de bedrijfscommissie Overheid. De meeste van die zaken halen niet de kranten – veel worden al in het voortraject opgelost en ook de rest eindigt vaak niet spectaculair, bijvoorbeeld met een advies elders advies in te winnen. Ook van de voorlichting komt niet heel veel terecht.

Vorig jaar besloot de SER het aantal bedrijfscommissies te verminderen en adviseerde hij de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid de taken in te perken. Als een voorgestelde wetswijziging wordt aangenomen, zijn de betrokken partijen niet langer verplicht een bedrijfscommissie in te schakelen voordat ze de rechter om een uitspraak vragen. De bemiddelingstaak wordt strikt vrijwillig.

Groot voordeel van drie commissies is, volgens de SER, de concentratie van kennis. Er zijn bedrijfscommissies die jarenlang geen geschil hebben behandeld. Als het dan ineens wel gebeurt, weten ze niet wat ze moeten doen. De nieuwe commissies zullen vanwege het samengaan ook bekender worden, waardoor de or er mogelijk eerder een telefoontje aan zal wagen om te bezien hoe een conflict kan worden opgelost. Er zijn ook plannen om de voorlichtingstaak voortvarender aan te pakken. Bedrijfstakspecifieke kennis blijft bewaard en wordt bewaakt door deskundigen.

Veel bedrijfscommissies zijn het niet met de inkrimping eens. Ed Lecomte, bestuurslid van de bedrijfscommissie Groothandel: ‘De SER trekt de taken nu naar zich toe, maar puur vanuit de juridische invalshoek.’ Je komt, zo weet hij, sneller tot een oplossing door met partijen te praten dan als er eerst een juridische pleitnota moet worden voorgelezen. De rode draad in de uitspraken wordt eerder juridisch in plaats van praktijkgericht en dat is verlies, vindt hij. En de drempel wordt hoger, want de commissies staan meer op afstand. ‘Vooral voor de kleinere bedrijven en or’s wordt dit een probleem. Als er nu een probleem is met medezeggenschap binnen de groothandel worden wij gemakkelijk gebeld.’

‘Het is in de praktijk echt wel zo dat veel bedrijfscommissies nauwelijks functioneren. Maar door dit besluit worden goed en kwaad te makkelijk op een hoop gegooid. Wij moeten stoppen, maar denken na over een andere manier om onze (praktisch) kennis te blijven inzetten.’

Lees meer over

Onderwerpen aanpassen

Mijn artikeloverzicht kan alleen gebruikt worden als je bent ingelogd.